Op de rectozijde tekende Peter Paul Rubens aan het begin van de zeventiende eeuw een spontane schets: drie halflange figuren in klassieke gewaden, mogelijk apostelen. Op de versozijde bevindt zich een kladversie van een Italiaanse brief, geadresseerd aan Cristoforo Roncalli (1552-1626). In deze brief verwijst Rubens naar zijn "serenissima padrona", die met grote waarschijnlijkheid te identificeren is als Eleonora de' Medici (1567-1611), hertogin van Mantua en echtgenote van Vincenzo I Gonzaga (1562-1612). Zij gaf aan Roncalli de opdracht een schilderij te vervaardigen voor haar privékapel. Rubens was tussen 1600 en 1608 als hofschilder verbonden aan het Gonzaga-hof en stond in deze periode in nauw contact met de hertogin van Mantua.